Kom,ma

Komma’s, wanneer gebruik je ze nu wel, en wanneer dan niet? Weet je wat nu zo leuk is? Er is geen goed of fout! Je kunt, namelijk, in principe, overal, waar je wilt, een komma gebruiken. Maar, echt, lekker, leest, dat, niet. Elke keer, als je een komma ziet, las je, namelijk, zonder dat je het merkt, een pauze in. Maar als je geen komma’s gebruikt en je de zin gewoon door laat lopen kan een zin wel erg lang worden en bestaat het gevaar dat je enorm gehaast gaat lezen en hierdoor heel vaak niet eens meer weet wat je nu precies hebt gelezen. Het belangrijkste is dat een komma een lezer moet helpen. Een gulden middenweg vinden is daarom dé oplossing. Maar hoe doe je dat dan? Gelukkig bestaan er enkele richtlijnen voor het gebruik van komma’s. Je leest ze hier!

Sum it up

De meeste komma’s vind je waarschijnlijk in een zin met opsommingen zoals deze: ‘Anne schrijft, redigeert, tekent, designt, vertaalt en ontwerpt.’  Dat leest heel wat gemakkelijker dan een zin waarin geen komma is gebruikt: ‘Anne ontwerpt banners logo’s folders flyers nieuwsbrieven illustraties en infographics.’

Bij, bij, bij, van komma’s word ik blij!

Nog wat richtlijnen voor komma’s. Je gebruikt een komma bijvoorbeeld voor en/of na een bijstelling: ‘Anne, tekstschrijver en designer, schrijft heel wat af’. Ook voor en na een uitgebreide bijzin wordt een komma gebruikt: ‘Anne Veenstra, die voorheen werkte bij de bekende webwinkel bol.com, heeft nu een eigen tekst- en designbureau.’ De derde bij is het gebruik van komma’s tussen gelijkwaardige bijvoegelijke naamwoorden: Anne heeft hiervoor een mooie, nieuwe, fonkelende website gemaakt.’ En ja, daar word ik heel blij van!

Start en slot

Nog een bijna niet te missen gebruik van een komma is na de aanhef of slotgroet bij een e-mail of brief.

Beste meneer/mevrouw,

Met vriendelijke groet,

 

Anne Veenstra

Gebruik liefst ook een komma voor en/of na een aanspreking: ‘Anne, heb je het naar je zin als eigen baas?’, ‘Kun je de opdracht deze week afronden, Anne?’

Persoonsvormen

Ook is het gebruikelijk een komma te zetten tussen twee persoonsvormen naast elkaar: ‘Wat zij heeft geschreven, is heel opmerkelijk.’ of ,’Toen ik dat hoorde, wilde ik voor mezelf beginnen.’ Alleen in heel korte zinnen kun je ervoor kiezen geen gebruik te maken van een komma tussen twee persoonsvormen. ‘Wie dit leest is gek’ bijvoorbeeld.

Voeg het in

Vóór voegwoorden zoals omdat, maar, aangezien, hoewel en terwijl  is het meestal beter een komma te gebruiken. Zij legde het aan iedereen uit, hoewel niet iedereen de tips leek te gebruiken.’ of, ‘ik was bang dat niemand de tips zou lezen, maar het tegenovergestelde bleek waar.’ Er is een uitzondering en dat… is het voegwoord dat! Voor dit woord wordt geen komma geplaatst. ‘Ik hoop dat iedereen deze tips opvolgt’ en, ‘ik heb nooit geweten dat zoveel mensen de tips op mijn blog lezen.’ Vooral blijven doen zou ik zeggen! 😉

Nog even een dingetje: het is echt niet waar dat je geen komma mag gebruiken voor of na de woordjes en en of.  Lees dit bericht van Genootschap Onze Taal maar eens. Als laatste nog een tip: lees je zin hardop voor, dan merk je vanzelf of je een komma wil gebruiken of niet.

2 gedachten over “Hoe gebruik je een komma?”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *